dot Home - start
dot Historie
dot Emmen centrum
dot Wijken buurten straten
dot Buitendorpen
dot Cultuur

dot Gemeente archief
De historie van Emmen in woord en beeld

Logo Historisch Emmen

Historisch Emmen toevoegen aan uw favorieten

blauwe lijn
dot Laatst gewijzigd dot Over deze site dot Sitemap dot E-mail dot

Emmererfscheidenveen: Omhoog


Interesse in E'erf? Omhoog

Emmer Erfscheidenveen staat op de website van Emmer Compascuum:

Een droevige gebeurtenis Omhoog

In de Emmer Courant van 15-04-1930 staat op het 4de blad het volgende korte bericht:

“Emmererfscheidenveen: Zaterdagmorgen heeft de arbeider G.B. door verdrinking een eind aan zijn leven gemaakt. Huiselijke omstandigheden moeten hem tot deze levensmoede daad gedreven hebben”.

Er zijn allerlei rapportjes en verslagen geschreven aangaande bovenstaand voorval. Hieronder volgt een opsomming der feiten.

Op 12 april 1930 werd de brigadier van de Koninklijke Marechaussee gewaarschuwd dat er bij sluis 3 in Klazienaveen een persoon uit het water gehaald was die door verdrinking zelfmoord had gepleegd. Daar aangekomen troffen ze het ontzielde lichaam van de 45 jarige G.B., welke veenarbeider was en woonde te Sluis 3 in Klazienaveen-Noord. Als getuige werd o.a.gehoord Roelof K., 42 jaar, veenarbeider wonende te Klazienaveen-Noord die verklaarde: “dat hij om circa 6 uur vanmorgen geroepen was door de 11 jarige leerling Hendrik F. met de mededeling dat G.B. van het vonder was gesprongen. Zij hadden ongeveer een uur gezocht toen Berend K. hem vond, G.B. was toen reeds een lijk. Op den wal vond ik een briefje in zijn zakdoek liggend”.

Getuige Berend K. 41 jaar, veenarbeider, wonende te Barger-Oosterveld verteld dat er op het papiertje met potlood de tekst: “nu allen wel te rustten lieffe kinderen en breng my naar myn lieffe vrauw dag:” was geschreven. Op de andere zijde van het briefje stond geschreven: “Annegien; ‘k ga by myn on rent weg”. Deze Annegien T. is de huidige vrouw van G.B. alwaar hij onlangs mee getrouwd was. De eerste vrouw van G.B. was voor ongeveer een jaar geleden overleden. Annegien verklaart: “met de woorden “onrent” op het briefje onrecht bedoeld wordt. Zij herkent haar man en zijn handschrift.

We hadden nooit woorden met elkaar, al gedroeg hij zich de laatste tijd wel wat zonderling. Hij gaf me onlangs nog een fornuis en een wasketel. Dat zou hij niet doen als wij niet met alkander leefden zoals het behoort”.

De opperwachtmeester verklaart: “dat, hoewel hij de vrouw voor het eerst zag, hij den indruk had dat zij een “manwijf” is. Ze liet geen traan en sprak opgewekt toen zij aan de wal bij het lijk van haar man stond. Op mijn vraag wie de kist moest betalen antwoordde ze lachend: “geld hebben wij niet”. Terwijl het lijk onbedekt op den steenen vloer lag, liepen haar 14 kinderen daar omheen, terwijl miemand ongewoon deed”.

Ook gehoord wordt een collega van G.B., Hendrik R. , 52 jaar, veenarbeider te Nieuw Dordrecht: “ik werkte de laatste tijd met de overledene. Eergister had hij nog tegen mij gezegd dat hij na het overlijden van zijn eerste vrouw, die heel goed voor hem was, zelfmoord had willen plegen. Hij heeft dat toen niet gedaan omdat er iemand in zijn woning was. Hij was de laatste tijd wat mismoedig”.

G.B. had bij zijn eerste vrouw 8 kinderen. Tot aan het overlijden van zijn eerste vrouw was het een net gezin. Na haar overlijden zag hij geen kans zich er door te slaan. Hij trouwde met de eerder genoemde Annegien T. welke 5 kinderen uit een eerdere relatie heeft. Tevens woont er een oude vader bij hen in en verzorgde zij de kinderen van een oudere broer. Dit aldus een anonieme briefschrijver uit Klazienaveen.

Naar de toestand van de kinderen wordt een onderzoek gedaan. De kinderen bleken ernstig verwaarloosd te zijn omdat hun stiefmoeder niet meer voor hen wilde zorgen. De kinderen worden verdeeld over de naaste familie van de overledene. Maar de volgende dag worden de kinderen naar Roelof K., zijn buurman, gebracht omdat de familie, mede omdat de kinderen sterk vervuild zijn en vol ongedierte zitten, niet voor hen kon zorgen. Nader onderzoek van de kinderen leerde dat ze allen luizen en neten in hun haren hadden die plekken zo groot als een handvlakte hadden kaalgevreten, de huid vervuild was en zij zweringen en korsten hadden

Eén zoon had een breuk en droeg al langen tijd een rijwielband over zijn schouder en tussen zijn benen. De band was ter plaatse van de breuk opgevuld. Genoemde jongen verrichtte veenwerk, waarbij hij beladen kruiwagens verplaatste. Eén van de dochters had geen onderkleding aan.

Annegien T., 42 jaar, wonende te Klazienaveen-Noord wordt wederom gehoord. Zij verklaard zelf vijf kinderen uit haar eerste huwelijk te hebben en niets te voelen voor de 8 kinderen van haar 2de man. Daarbij moest ze ook de kost verdienen. Zij moest de kinderen van haar 2de man wel verwaarlozen omdat ze er niet naar behoren voor kon zorgen. Het liefst zag ze dat de 8 kinderen haar werden afgenomen. Ze heeft de kinderen weggezonden maar die zijn uit haar zelf weggegaan. Ze bekent dat ze de kinderen ziet naar behoren heeft verzorgd maar voegt daar aan toe dat ze ook niet anders kon.

Annegien T. wordt omschreven als een forse vrouw en het best te omschrijven is als een feeks. Het komt de brigadier voor dat de overledene uit een veel netter huis was dan zijn 2de vrouw, dat overledene dit in stilte heeft verdragen en tenslotte niet opgewassen was tegen het “manwijf” en zich heeft verdronken. De kinderen werden allen onderzocht door dokter van Horssen. Zij worden uiteindelijk bij diverse gezinnen ondergebracht totdat de voogdijraad uitspraak heeft gedaan.

En zo wordt een klein berichtje in de krant, mede door wat toevallige archiefvondsten en stuk geschiedenis, waarbij mij de rillingen over het lijf lopen.

Bronnen:

  • Emmer Courant van 15-04-1930
  • Zaalbergarchief gemeente Emmen doos AZ 43-mapje 184.274
  • Kroniek v.d.Hist.Ver.Zuidoost-Drenthe 11e jaargang nr. 1 april 2002
  • Gerard Waasdorp

School: Omhoog

……Het sinds kort niet meer achter heesters verscholen gebouw Kanaal A N.Z. 18 (Emmer-Erfscheidenveen), is onmiskenbaar vroeger een school geweest. Het was de school van de vereniging voor algemeen christelijk onderwijs en werd gebouwd in 1928/1929. Nu is het een woonhuis, maar er woont wel een “onderwijzer’ in.

De geschiedenis van de school gaat terug naar het jaar 1924, toen vergunning werd verleend voor de bouw van een school. Op 29 oktober 1927 werd een verzoek ingediend voor de bouw van een houten bewaarschool op hetzelfde terrein.

Beide gebouwen was echter geen lang leven beschoren. In het begin van mei 1928 woedden er namelijk hevige veenbranden in dit gebied. Met name werd in de pers het gebied rond de Kanalen A en B genoemd. De ene dag leek het vuur bedwongen, maar zoals dat met veen-branden altijd gaat, staken ze de volgende dag zo maar ergens anders de kop weer op. In die periode werd het gebruik van locomobielen in het veen verboden. Al eerder had men met het hijsen van de witte vlag aangegeven, dat men geen koffievuurtjes mocht hebben in het veen. Vermoedelijk was een van die vuurtjes de dader van dit onheil. De maatregelen bleken niet voldoende om de scholen te sparen. We lezen in de krant van 8 mei  1928 o.a.:

Terugkeerend naar Emmer-Erfscheidenveen, even na de middag, is het daar nog erger. De vlammen zijn als vurige vlinders over Kanaal A en de straatweg gefladderd en de weg is een grijze streep tusschen rooden gloed en zwarten dood. Aan beide zijden van den weg branden de huizen. Wie nog kan redt, menschen dragen huisraad naar de massief gebouwde Algemeen Christelijke school, waar men den boel veilig waant. Anderen smijten alles wat drijven kan in het water: een bonte mengeling van stoelen, tafels en kasten, zelfs een wieg.

Na een tocht door het brandende veen, kwam de journalist in gezelschap van mr.J.B.Kan en de commissaris van de Koningin, mr.J.T.Linthorst Homan, opnieuw in Emmer-Erfscheidenveen.

De school, waarin ’s morgens de menschen meubeltjes borgen, staat er nu als een pakhuis van gloed, dat door zijn inhoud verteerd wordt. Als vurige muilen gapen de talrijke raamgaten. Het dak is ingestort. Voor de school knettert een brandende turfbult en bedreigt de woning van de bovenmeester, den heer W.van Veen. Een der huisjes welks inboedel in den brand verging, is ongedeerd gebleven. Zoo faalt ook hier menschelijke berekening.

Bij de brand van de 4e mei 1928 zijn in totaal 7 woningen in dit gebied in vlammen opgegaan, waaronder dit schoolgebouw. De onderwijzerswoning bleef echter gespaard. De brand op het terrein was begonnen bij de houten bewaarschool. Het dak van asfaltpapier had vervolgens de school in brand gestoken, waarvan alleen de kale muren overbleven. De wederopbouw liet echter niet lang op zich wachten. Op 17 september van dat jaar werd vergunning verleend voor de bouw van de huidige school. Wat er bij de voorgevel van de school uitspringt is de symmetrische ingebeelde entree en de zo expressief vormgegeven dakkapel, die doet denken aan de zogenaamde Amsterdamse School. Ook zijn het rondboog bovenlicht en het uitkragende metselwerk opvallende verschijnselen.

Het ontwerp is van de architect G. van der Mei uit Stadskanaal en de (vermoedelijke) uitvoerder van het werd was B.de Bruin uit Valthermond.

Bronnen:

  • Kroniek v.d.Hist.Ver.Zuidoost-Drenthe 8e jaargang, nr. 1  april 2000
  • Ger de Leeuw

Muntvondst: Omhoog

In de gemeente Emmen zijn in de loop der jaren enkele muntvondsten gedaan waaronder te Emmer Erfscheidenveen. Wellicht zijn er nog meer vondsten gedaan, maar helaas worden niet alle vondsten openbaar. In onderstaand overzicht staan de schatvondsten die bekend zijn bij het Geldmuseum te Utrecht, voorheen het Koninklijk Penningkabinet te Den Haag.

Bij muntvondsten onderscheidt men losse vondsten (één of enkele, waarschijnlijk verloren munten) en schatvondsten (meerdere tot soms vele honderden bewust verborgen munten).

jaar vindplaats datering aantal metaal
1915 Emmer Erfscheidenveen 134-177 47 zilver

Opvallend is dat de vondst in het voormalige veengebied ten oosten van Emmen is gedaan. De vondst in Emmer Erfscheidenveen (1915) betreft munten uit de Romeinse tijd. Hoewel de Romeinen nooit boven de grote rivieren geweest schijnen te zijn, is het niet verwonderlijk dat het Romeinse munten betreft. Andere munten waren in deze steek niet in omloop. De gevonden munten kunnen zijn verborgen of verloren in het toen nog niet afgegraven veen.

Bron: C. Reinders.


Boeken: Omhoog

De volgende boeken zijn bij Historisch Emmen bekend:
  • "De 20e penning in Emmer Erfscheidenveen".
    Het ontstaan, de werking en opheffing van de 20e penning in Emmer Erfscheidenveen door Cor van der Plas (2006).
    Uitgave Waterschap Hunze en Aa's, ISBN-10:90-77050-12-4
  • "Terug in de bruine wereld van Emmer-Erfscheidenveen 1898-1948-1998".
    Een gedenkboek t.g.v. het honderdjarig bestaan en een voorbeeldstudie over de geschiedenis van een veenkoloniaal dorp t.b.v. het onderwijs door dr.Meent van der Sluis.
    Uitgave BuG Groningen 1998, ISBN 90-75913-09-5

Aanvullingen? Geef ze door:


 

Wie helpt? Omhoog

Klik hier om een e-mail aan Historisch Emmen te versturen Historisch Emmen zoekt altijd naar informatie.
Foto's, kranten, artikelen, advertenties, knipsels, stambomen, genealogie, alles is welkom.
Na digitalisering ontvangt u alles retour.
Help mee Historisch Emmen beter en vollediger te maken.